Datering

Roerkop

Houten binnenschepen pronkten met hun achterschip. Bij het voorbij varen op rivieren en kanalen richtte de blik zich vanzelf op dit deel van het schip. Ook het roer achterop het schip kreeg veel aandacht. Er bestaan verschillende soorten versiering voor de bovenzijde van een roer: roerkoppen, roerklikken, roerleeuwen. Deze roerkop heeft de vorm van een gehelmde mannenkop. De helm is in de vorm van een hondenkop.

Roerkop in de vorm van een gehelmde mannenkop. De helm, welke over gaat in een hondekop heeft vier liggende veren en twee vleugels. In de hals krullende haren. De kop is gemonteerd op een plank. De meerkleurige beschildering is grotendeels verwijderd. Enige houtwormgaten.

Identificatie
Titel
Roerkop
Objectnummer
004739
Objectcategorie
Scheepsonderdelen
Objecttype
  • roerkop
    Bovenkant of kop van de roerkoning waarin of waarover de helmstok zit. (MARDOC)
  • scheepssier
    Al dat geen aan boord van een schip dat mooier gemaakt is dan strikt noodzakelijk is of dat voornamelijk voor het mooi aangebracht is. (De Binnenvaart)
Over
Trefwoorden
  • scheepssier
    Al dat geen aan boord van een schip dat mooier gemaakt is dan strikt noodzakelijk is of dat voornamelijk voor het mooi aangebracht is. (De Binnenvaart)
Werk
Breedte
20.0 cm
Hoogte
28.0 cm
Museum
Zuiderzeemuseum Enkhuizen
Vervaardiging
Datering
Materiaal
  • eikenhout
    Eiken is het hout van de Quercus robur. Het hout is hard en goed bestand tegen water. Het is in Noord-Europa op grote schaal gebruikt in de bouw, voor schepen, meubels en panelen. (Conservation Dictionary)Eikenhout is het hout van de eikenboom. Eikenhout is een zeer duurzame houtsoort met wijde poriën, en met brede glinsterende spiegels wanneer het dosse gezaagd is. Het is belangrijk materiaal voor balken, kappen, kozijnen, deuren, betimmeringen e.d.. Tot in de 17e zeer algemeen toegepast, tegenwoordig door schaarste kostbaar en als timmerhout vrijwel geheel door naaldhout verdrongen. Het laat zich goed besnijden en is daarom geschikt voor het maken van meubels. Voor betimmeringen gebruikte men graag wagenschot en gekloofde planken. Eikenhout werd doorgaans aangeduid naar de plaats van herkomst of naar de doorvoerhaven: bv. Deventer hout, Zutphense planken, Hasselts hout (aangevoerd langs de Overijsselse Vecht), Rijns eiken, Wezels hout (langs de Lippe, Ruhr en Rijn aangevoerd), Brabants hout. Noords eikenhout kwam uit Noord-Duitsland en de Oostzeelanden. In Oost-Nederland werd veel inlands eiken verwerkt. Thans is er in hoofdzaak Frans, Westfaals en Slavonisch eiken in de handel. (Haslinghuis)
  • iepenhout
    Iepenhout is een inheemse houtsoort dat afkomstig is van de iep. Het hout is zeer taai, vrij hard en wordt weinig gebruikt als timmerhout omdat het snel door houtworm wordt aangetast als het niet regelmatig in trilling wordt gebracht. (Haslinghuis)
Verwerving en licentie
Verworven
aankoop 11 mei 1954
Copyright
BY-SA
Reproductie
Vervaardiger van reproductie
Picturae , Picturae